Posts tonen met het label geproefd. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geproefd. Alle posts tonen

maandag 13 april 2020

Madeleines I - Bimi

Iedereen die heeft gelezen over Proust's madeleine (of die de film Ratatouille heeft gezien) weet dat een geur of een smaak, en dus zeker een hap eten, je in één klap kunnen brengen naar een geluksmomentje in het verleden. Ik heb dit al heel lang, en herinner me smaken langer dan namen of gezichten. Aangezien we nu eventjes nergens heen gaan (voor lezers uit de toekomst - vanwege Corona / Covid19 worden we gevraagd een tijdje binnen te blijven) leek het me leuk deze momentjes te beschrijven.

We hebben al jaren een groentepakket van de Viermarken, hier even verderop. De laatste weken wordt dat voor de voordeur neergezet, dus trof ik daar afgelopen donderdag onder andere bimi aan. Voor wie het niet kent - bimi is een kruising tussen 'autochtone' broccoli en 'Chinese broccoli' (gai lan), met langere stelen en een meer open structuur. Minder melig en lekker krokant, geschikt om te wokken. Om een onduidelijke reden verkoopt de Albert Heijn het als "aspergebroccoli", terwijl het daarmee weinig te maken lijkt te hebben. Ik vermoed een onderliggend merknaamdispuut maar, eerlijk gezegd, ik wil het allemaal niet weten.

Roerbakken tot beetgaar
Bimi kocht ik voor het eerst, zonder dat ik dat wist, in Slovenië. We stonden in het weinig interessante dorp Pivka (spreek uit "Pjoeka", met als enige claim-to-faim 'de één-na-grootste kippenfabriek van Slovenië. Dan heb je een beeld). We stonden er op de kleinste camping ooit, met een fabelachtig uitzicht. Het land had ons verrast met zijn hartelijke ontvangst, zo ook in Pivka zelf, waar naast de zeer matige SPAR-supermarkt een vreemde combinatie van VVV en biowinkeltje werd gerund door een aantrekkelijke hippie-achtige dame.

Tijdens haar vriendelijke, door matig Engels slecht te volgen, toeristische voorlichting kwam er een vrouwtje aan met een grote zak groente. Ze kreeg betaald en vertrok, en we begrepen dat het om vers geoogste groente uit haar tuin ging: 'een soort broccoli'. Niet mijn favoriet, maar de SPAR was niet om over te juichen dus kochten we een flinke portie, samen met wat knoflook en (maar dat herinner ik me niet) ongetwijfeld wat begeleiding als vlees, kaas en/of aardappelen.

Op de camping bereidden we de maaltijd op het CampingGaz stelletje. Volgens instructie roerbakte ik de groente kort in flink wat olijfolie, knoflook, zout en chilivlokken (dat laatste kan immers nooit kwaad). Ik weet echt niet meer wat we verder aten, maar wel dat het me niet veel kon schelen - wat wás die groente lekker. De smaak van broccoli met de crunch van groene asperges (ah, nóu snap ik de Appie) met knoflook en wat pit. Misschien was het de plek, het feit dat de groente nog geen uur eerder geoogst was of een combinatie daarvan, maar wij smulden.

Het uitzicht vanaf de eettafel

Goed, zoals gezegd, wij aten het daarnet weer, en weer was het super. Zó lekker als in Slovenië? Nee, helaas niet, maar het deed ons er wel aan denken, en dat is ook wat waard. Zaten we weer even in een het zonnetje, alleen, op een microcamping met kilometers uitzicht en een glaasje Slivovka van de gastheer in het vooruitzicht.

Da's ook een goed idee trouwens, een glaasje slivovka. Ik heb ergens misschien nog wel een fles.

zondag 17 april 2016

Mout op hout

Het is al een flinke tijd populair in het lange-baarden-hippe-brouwers-kamp - bier op houten vaten laten rijpen. Zo noem je het natuurlijk niet - de correcte term is barrel aged en eigenlijk heeft een beetje beer geek het alleen over "bie-ee bieren". Je zou denken dat het opslaan in afgeschreven houten vaten die de whiskystoker of sherryboer over heeft een goedkoop truukje is om dure RVS lagervaten overbodig te maken, maar niets is minder waar - die ouwe troep is nog stervensduur ook. Zeker nu elke kleine brouwer wel één of meer houtbieren aanbiedt zijn de vaten slechter verkrijgbaar en dus duurder.
Een sterke line-up

De bieren zelf zijn in de regel ook flink aan de prijs - maar dat is niet zonder reden. Uitzonderingen daargelaten zijn het zwaardere bieren (meestal quadrupels of imperial stouts) die van zichzelf al een hogere prijs hebben. Zoals zojuist genoemd kosten de vaten een lieve duit (met een beetje geluk vindt de brouwer dan wel nog een half flesje whisky onderin het vrijwel lege vat, maar dat is hem dan ook gegund). Vervolgens moeten de bieren geruime tijd rijpen - dit kan maanden duren. Niet alleen kost dat ruimte, tijd en verlies (het "engelendeel" verdwijnt niet alleen bij whisky), je loopt  altijd ook nog risico op mislukking.

Waarom zou je er als brouwer (of bierdrinker) dan aan beginnen? Heel simpel - de meeste houtgelagerde bieren zijn gewoon verschrikkelijk lekker. Bekende Nederlandse brouwerijen die veel met hout doen zijn bijvoorbeeld Jopen, het Uiltje, Emelisse, de Molen en zelfs de grotere brouwerij La Trappe, maar vrijwel iedere kleine ambachtelijke brouwerij in Nederland heeft óf wil wel een barrel aged bier.

Inmiddels mag duidelijk zin - er is bij het brouwen heel wat mogelijk met hout. De combinatie van biertype en houtgebruik bepaalt of het ook een succes wordt. Er kan op onbehandelde of gebruikte eikenhouten vaten worden vergist (dit gebeurt bijvoorbeeld bij de spontaan vergiste lambiekbieren op houten pijpen en foeders) of gerijpt (Vlaams Rood op reusachtige foeders). Bij deze bieren ontstaat de melkzuurinfectie die een typische zure smaak geeft. Meer gebrande bieren (stouts, porters) doen het vaak goed in whisky- of bourbonvaten en voor een zware, zoete quadrupel lenen ook sherry- of portvaten zich. Bij deze zware bieren zal het bier meestal niet verzuren door het hoge alcoholpercentage.

In de meeste gevallen zal het resulterende bier niet hoog in koolzuur zijn en vaak een typische houtsmaak hebben - bijna altijd is de smaak veel complexer dan het basisbier. Onderhand zijn bijna alle houten vaten vogelvrij verklaard - er wordt bier gelagerd in oude sherry-, rode of witte wijn-, port-, calvados en zelfs aquavitvaten. En inmiddels is de cirkel weer rond - er is tegenwoordig ook al whisky en bourbon uit, jawel, biervaten. Nog even er hoeven nooit meer nieuwe vaten gemaakt te worden.

Voor de hele grote brouwerijen, maar ook voor de hobbyist, is het gebruik van vaten moeilijk door de prijs en het lastige formaat (te klein voor grote hoeveelheden, maar ettelijke malen brouwen voor een thuisbrouwer). Daarvoor is gelukkig een oplossing - het gebruik van houtsnippers. Hoewel het natuurlijk een beetje valsspelen is, doet het resultaat vaak niet onder voor het 'echte' lageren op vat. Het dichtst kom je in de buurt door ook gesnipperde oude vaten te gebruiken, maar ook het zelf 'toasten' van houtsnippers is een leuk experiment. Met de juiste roostertijden en -temperaturen kun je de houtsmaak (zoals vanille of juist meer roostersmaken) vrij nauwkeurig bepalen. Ook kun je bij snippers gemakkelijker een mix van houtsoorten gebruiken.

Afgelopen week proefden we bij de Enschedese bierwinkel Stanislaus Brewskowitch zes verschillende houtgelagerde bieren. Hoewel ik al jaren houtgelagerde bieren drink wist eigenaar Rocco te verrassen met een meer diverse reeks dan ik had verwacht: naast de bekendere Imperial Stouts en quadrupels verschenen ook een strong ale en een tripel, beiden zware blonde bieren. De hele reeks gaf perfect aan hoeveel variatie er met dit thema te vinden is:

  1. Pochpoater Triple Olorosso: de houtlagering heeft ervoor gezorgd dat dit bier vrij droog is voor een triple. Ook is er een fris zuurtje te proeven, en een duidelijk honing-/sinaasappelsmaak. 
  2. Katjelam Graftak Old Ale: in dit bier is duidelijk melkzuur te proeven, iets waar Katjelam niet vies van is. Het maakt het een erg fris, smakelijk bier. De houtsmaak is duidelijk aanwezig. 
  3. Jopen Houten Haarlemmer #4: de bijna klassieke houtcombinatie; een Imperial Russian Stout, in dit geval op ongebruikte houten vaten. Mooie bittere brandsmaak, vanilletonen van het hout. 
  4. Pannepot Old Fishermans Ale 2015: een quadrupel met moutige basis en smaken van gedroogd fruit, mooi afgerond door het rijpen op hout.
  5. Crooked Spider Russian Imperial Barrel Aged Christmas Stout: een lange naam, maar daar hoort de "stout" wat mij betreft niet in - veel te weinig brandsmaken. Een complex zwaar bier dat zonder houtlagering waarschijnlijk te zoet en te saai zou zijn.
  6. Harviestoun Ola Dubh: een imperial porter van 'slechts' 8% - de smaak doet hoger verwachten. Vol, gebrand en duidelijke whisky(turf) in de geur. 
We sloten de avond in stijl af bij Bierencafé de Beiaard, die een unieke set taps heeft voor een aantal zeer speciale bieren van de Palm groep - de platte, spontaan vergiste Lambiek van Boon (vergist op hout) en nu tijdelijk ook een Rodenbach Grand Cru, een Vlaams Rood gerijpt op eikenhouten foeders. Deze frisse bieren vormden een mooie afsluiter van een avondje bier-op-hout. Gelukkig hadden we de dag erna geen houten hoofd...






zaterdag 6 juni 2015

TREK - Lekker eten en beestjes in je bier.


Twente staat soms een beetje bekend als nuchtere uithoek waar de kat uitgebreid uit de boom gekeken wordt. Van de opkomst van hippe baarden en opnieuw begonnen ex-bankiers met ambachtelijke scharrelsalades, houtovenpizza's en slow-cooked gehaktballen is hier dus ook nog weinig te merken. Maar dit weekend is dat even anders, want in het volkspark vindt het Food Truck Festival TREK plaats. Dat slaan we dus mooi niet over!

5 juni gaat de boeken in als een tropische dag, en dat is goed te merken als je het terrein oploopt - (na controle van de rugzak - want je mag géén eigen drank meenemen). In een ruime en gezellige opstelling staan de vrolijke caravans, tentjes en campertjes met ditto inwoners, zij het met soms aardig rode koppen van de temperatuur. De poffertjesman lijkt het zwaar te hebben, maar ook die heeft volgens eigen zeggen naar zijn zin. Overal klinkt muziek en de lucht is gevuld met veelbelovende grillgeuren.

Maar eerst eens een lekker biertje. Dat blijkt een fikse tegenvaller; ondanks dat alle gehaktballen met de hand gedraaid zijn, de frietjes bio en handgesneden en alle koffie versgemalen blijkt al het bier van, jawel, Grolsch. Geen leuke kleine brouwerijtjes dus - en dat valt wel even tegen. Nu pas snap ik waarom ik geen eigen bier mee mocht nemen. Het verkrijgbare speciaalbier beperkt zicht tot meibok en Weizen van Grolsch, en ook Grimbergen (ook door Grolsch verzorgd) is een optie. En dan is er niet eens gewone Grolsch pils, maar wordt hier duidelijk het hippere (en volgens mij minder lekkere) Kornuit op de kaart gezet. Nou ja, op naar het eten dan maar.

Erg lekkere kaas-pastinaak en garnaal-venkelkroketten!
Het eten lijkt allemaal prima in orde - we hebben natuurlijk lang niet alles geprobeerd, dat is niet alleen teveel maar zou ook behoorlijk in de papieren gaan lopen. De prijzen zijn behoorlijk hoog, zeker als je veel wilt proberen, maar de porties zijn dan ook in de meeste gevallen vrij fors. 8€ voor een kleine pizza en 3€ voor een kroket waren de uitschieters, maar beiden waren dan wel weer heel erg lekker. Vrijwel iedereen is trots op wat hij of zij levert en staat met zichtbaar plezier achter de bar, balie of barbecue.



Veruit het leukste is voor mij de insectenbus "Microbar" - de enige plek waar ik niet gewoon een erg lekkere versie eet van iets dat ik ken, maar waar ik echt iets nieuws kan proberen. De krekel op een stokje is een mooie instapper, en we proberen dus ook snel wat andere gerechtjes; vooral de Bhel Puri was superlekker. In dit Indiase gerecht met tomaat,rode ui, koriander, kruiden en gepofte rijst vormen de insecten een lekkere aanvulling, maar om ze ook nog even 'echt' te proeven eten we ook nog een bakje met alleen geroosterde beestjes.


De meelwormen doen me denken aan geroosterde garnalen, en dan vooral de smaak van de schilletjes. De krekeltjes smaken een beetje naar cashew. Alles bij elkaar een typische, vlezige smaak. Als 'vleesvervanger' zit ik er niet op te wachten - dan eet ik liever af en toe vegetarisch - maar ze smaken van zichzelf oprecht lekker. En dan wordt het wel weer interessant.


We sluiten de avond af met een rondje over het gezellig roezemoezende terrein in iets afnemende hitte, en mogen de plastic Grolsch glazen mee naar huis nemen. Nou ja, misschien fijn voor op de camping. Hoe dan ook; dit weekend kun je in het Volkspark dus even doen alsof je in Amsterdam woont. En dat is best leuk voor een import-Tukker. Let wel op dat je geen beestjes in je bier krijgt...



Bekijk meer foto's op Facebook



zondag 22 september 2013

Enschedees bierprimeurtje

Vandaag een heus Enschedees primeurtje op biergebied - het eerste Enschedese Bierfestival.



Voor een geslaagd bierfestival heb je niet veel nodig - een leuke plek, genoeg bezoekers en fatsoenlijk weer. Én lekker bier natuurlijk. Dit alles was aanwezig bij het eerste Enschedese Bierfestival, dat vandaag plaatsvond in Roombeek bij Bij het Rozendaal. Bij aankomst miezerde het nog eventjes en was het niet overvol, maar als snel klaarde het op en dienden zich ook meer bezoekers aan - veel leden van het HAB, bierfans en aangewaaide bezoekers maar ook lokale horeca en slijterijen zijn gespot.

Het aanbod was aanzienlijk en sommigen kwamen van ver - Den Haag (Kompaan), Wageningen (Brouwerij Wageningen) en Utrecht (Van de Streek), om maar wat te noemen. Zelfs van over de grens was er bezoek: Hobbybrouwerij de Hopjutters uit België. Maar ook uit de regio was er bier - te krijgen bij Brouwerij Eanske, De Twentse Bierbrouwerij, Othmar en (iets verder weg) Rodenburg. Tot slot waren ook Brouwerij de Witte Leeuw en uiteraard het Twents Bierbrouwersgilde HAB aanwezig.

Met drie personen hebben we ons een aardig gat in het aanbod weten te slaan. Echt onder de indruk waren we bij Kompaan - we dronken er de 20 (een blonde, fris en hoppig), de 45 (een porter, met mooie chocladesmaken) en de gloednieuwe IPA. Die laatste had (te?) weinig koolzuur en was minder droog dan de andere bieren, maar kwam al heel dicht in de buurt. We waren aangenaam verrast door de Dubbele Weizenbock van de Brouwerij Wageningen - ik hou niet van bokbier én ben geen groot fan van weizen, maar dit smaakte erg goed. Zacht, romig en met een geur van gedroogd fruit.

Minder gecharmeerd waren van de IPA van de Witte Leeuw - deze leek echt niet uitvergist. te zoet en en veel te weinig hop. Opvallend, aangezien ik de hun Amarillo Sun als prima, hoppig en droog bier kan herinneren. Ook de bieren van de Hopjutters vielen bij ons minder in de smaak - beide hadden een wat apart geurtje, de pale ale rook sterk naar koriander.

Alles bijeen was het een leuke middag met zelfs nog een voorzichtig zonnetje. Een gezellig locatie en ook het eten was ook prima geregeld. De muzikale begeleiding was gevarieerd, hoewel wat sommigen betreft soms wat luid. De voornaamste kritiek was eenvoudig - een enkel (heren)toilet op een bierfestival is natuurlijk wat aan de krappe kant. Hoewel het voor de dames óók wel eens leuk is om grijnzend langs een rij wachtenden te kunnen lopen zou het prettig zijn als er volgend jaar een extra voorziening wordt geregeld. Want wat mij betreft zijn wij er in elk geval weer bij, volgend jaar.



dinsdag 27 augustus 2013

MC2 Burger - tja.

De Vegetarische Slager. Ik ben er nog steeds niet uit. Aan de ene kant heb ik de producten als (juch, modewoord) flexitariër niet zo nodig - het lukt me prima om meestal vleesloos heerlijk te eten, en dan af en toe genieten van kwalitatief goed en verantwoord vlees. En toch blijft het idee me aanspreken. Naast de gelikte marketing (mooie producten en een prima verhaal) zou ik het namelijk helemaal niet erg vinden om ' vlees' te kunnen eten zonder dat daarvoor een dier nodig is.

Om die reden blijf ik het proberen - ik at de 'gehacktbal' en postte al eerder over de spekjes en de kip. Vandaag liep ik tegen de alom bewonderde MC2 Burger aan, bij de Ekoplaza in de vriezer. Nou ja, dat willen we dan wel eens proberen.

Allereerst valt al direct iets op aan de verpakking - de inhoud schuift behoorlijk heen en weer. En ja hoor - de grote doos blijkt 'gevuld' met twee hamburgertjes die wel érg veel ruimte hebben. Scharrelvees, OK, maar scharrel-vegetarische-diepvrieshamburgers? Dat staat natuurlijk haaks op 'Eco-footprintvermindering'.

Ook de instructies konden duidelijker: "bak ze in 3 - 4 minuten per kant bruin" - maar is dat ontdooid of bevroren? Ik deed het met de ontdooide burgers, in een hete pan 4 minuten per kant op laag vuur en het resultaat leek wel te kloppen. Vervolgens deed ik het op een belachelijk klein maar lekker broodje met eigengemaakte gele ketchup, mosterd, ui en sla.

En toen de test - hoe smaakt het. Qua 'vleesbeleving' doen ze me wat denken aan de houdbare hamburgers van Lupack die kennelijk (godzijdank) niet meer in de winkel liggen. Jarenlang namen we ze mee als 'je-weet-maar-nooit'-eten op vakantie, en steevast kwamen ze ongeopend weer terug. Alles lijkt namelijk lekker, in verhouding tot die dingen. (Een soort dwergenbrood dus, voor de Pratchettfans). Qua smaak deed de MC2 Burger het wel een stuk beter - een sappige, vlezige smaak. Gek genoeg leek het er bijna op of er wel vlees in zat - maar dan varkensvlees.

Kortom, is een MC2 burger zo goed als een echte? Nou, hij is lekkerder dan genoemde houdbare burgers, en wat mij betreft minstens even lekker als de meeste hamburgers uit de snackbar. Maar nee, hij is zeker niet vergelijkbaar met een mediumgebakken, écht goede runderhamburger. Sterker nog - zelfs een Quarter Pounder van de McDonalds heeft nu eenmaal een betere vleessmaak. Het lijkt in dat opzicht wat op de gehacktbal - die vond ik ook véél lekkerder dan bijvoorbeeld een pikanto, maar niet zo lekker als een echte goeie bal. Voor zaken waarbij de vleessmaak  niet de hoofdrol speelt (shoarma, kebab) en het niet rosé hoeft te zijn kan de Vegetatische Slager al heel wat neerzetten, maar dit is iets te hoog gegrepen.

(Maar even voor de duidelijkheid - we zaten met plezier te eten, ik kon een een met volle mond gemompelde 'mjam' niet onderdrukken en het is vele, vele malen beter dan eigenlijk alle andere vegetarische vleesvervangers die ik geprobeerd heb. Waarom moet dat zo zout? En waarom moet er in 'Vegetarische Falafel' plotseling soja?!)


donderdag 5 juli 2012

Alcoholvrij bier

Op bier blog verscheen vandaag de melding dat er een uitgebreide alchoholvrij biertest in de Elsevier te lezen is. Dat is mooi, want ook ik drink regelmatig alcoholvrij bier. Niet alleen als ik moet rijden trouwens. Het is minder zoet dan fris, heeft minder calorieën en is lekker dorstlessend - als je tenminste een goed merk te pakken hebt. En daar helpen Derek Walsh, Kim Lentje en Fiona de Lange je dus mee in de Elsevier.



Ik ben wel een beetje benieuwd, maar voor mij is het eigenlijk al wel duidelijk: ik drink Jever Fun. Door de stevige hopbitterheid is de typische moutsmaak van alcoholvrij bier ver te zoeken, en ik durf zelfs te zeggen dat je dit bier aan heel wat mensen kan voorzetten zonder dat die merken dat ze een alcoholvrij bier drinken. Ik heb het nog niet geprobeerd...

Daarnaast roemen velen de alcoholvrije Duitse Weizenbieren, vooral de Erdinger wordt dan genoemd. Ik hou echter zelf niet zo van Weizenbier, dus kan de alcoholvrije ook niet zo waarderen. Grolsch Stender vind ik best lekker, maar die bevat wel degelijk nog 0.5%. (Ik heb overigens ergens gehoord dat Grolsch aardig wat alcoholvrije bieren in huis heeft gehaald vóór de introductie van Stender, waaronder ook Jever...) Als het trouwens gaat om minder alcohol in plaats van alcoholvrij zijn zowel de Jever Light als de Stades Leichtbier (beiden 2.5%) een prima optie. Je vindt deze bieren bij een goede slijter, of uiteraard over de grens bij bijvoorbeeld de Trinkgut.

In elk geval: lees wat anderen vinden, maar ga vooral zelf aan het proeven. Sommige kunnen wat mij betreft zó het riool in (Bavaria Rosé Alcoholvrij? Wat...? Hoe..? Wie...? Oh laat ook maar...) maar wie weet is het net wat je zoekt. En het is niet alsof je aan de proeverij een kater over zult houden...

vrijdag 9 maart 2012

Echte dimsum

Foto: Wikipedia

Ik maar denken dat het een publiek geheim was, het feit dat je bij Tai Soen in Hoog Catharijne uitstekend dimsum kunt eten. Maar iedereen die ik erover spreek, Utrechters incluis, kijken me verbaasd aan. Toch staat het gewoon aangegeven, al is het misschien in het chinees.

Dimsum, de Chinese tegenhanger van tapas, eet je met goed gezelschap. Verschillende schaaltjes in het midden van de tafel, en altijd bestel je eigenlijk één gerecht teveel. Omdat je kon niet kiezen natuurlijk. Die keuze maken is overigens niet zo gemakkelijk. Allereerst is het nu eenmaal authentiek Chinees, en Chinezen kijken met eten niet zo nauw: je vindt er dus runderlever- en maag, eendenzwemvliezen en kippeklauwtjes. Daarnaast is de beschrijving niet altijd even behulpzaam: "elastiekjes (eendenvlees)" zegt me weinig - en ik krijg er ook eerlijk gezegd niet meteen trek in.

Bij beide recente bezoekjes had ik gezelschap dat niet zo dol is op al te heftige experimenten op het bord, dus kon ik ook ontspannen en gewoon lékkere dingen bestellen. Gestoomde rijstvelletjes met daarin rundergehakt, garnaal of barbecuevlees bijvoorbeeld. Balletjes van inktvis met noedels eromheen, gefrituurd. De inmiddels bekende gestoomd siu mai, en de Chinese tegenhanger van het "broodje bak pao": cha siu bao. Ook de garnalenloempia'tjes waren heerlijk, net als de in de pan gebakken pasteitjes met groenten (324? of was het 513)?


Overigens zijn het niet alleen de dimsum die het bezoek aan Tai Soen de moeite waard maken. De pret begint al bij binnenkomst: op rigoureuze wijze worden de Nederlanders van de Chinezen gescheiden. De laatste worden achterin de zaak aan grote ronde tafels gezet, en krijgen de Chinese kaart. Anderen zitten voor in de zaak aan vierkante tafels en krijgen een menu met de klassiekers - rijsttafels met saté en babi pangang.

Wanneer je om de dimsumkaarten vraagt wordt je even vragend aangekeken. Er wordt duidelijk afgewogen of dat wel de bedoeling kan zijn, maar na een extra vriendelijke glimlach is het zover: de dimsumkaarten gebracht. Eén exemplaar bevat nummers, namen en prijzen, de andere heeft geen prijzen maar, hoe handig is dat, foto's!

Zorgvuldig kies je de gewenste hapjes, en je schrijft die vol goede moed op het papiertje dat je hebt gekregen. Bij bestelling verschijnt er een grote grijns: acht porties dimsum? Met zijn tweeën? Dat is veel te veel. Op de gok schappen we 2 nummertjes, de serveerster gaat akkoord. Thee erbij? Dat kan alleen per pot. Gelukkig, dat is precies wat we willen. Stokjes? Natuurlijk - al zijn de groot uitgevallen dimsum er vrijwel niet mee naar binnen te werken. Afkijken is er niet bij - de Chinezen zitten achterin.

Die hebben het zo te horen heel erg naar hun zin. Zouden ze worden bijgepraat over ons gestuntel?

dinsdag 11 oktober 2011

Bokbierfestival 2011 - de proefresultaten

Afgelopen zondag was het bokbierfestival bij Café de Beiaard in Enschede, met zo'n 30 bieren op op tap en fles altijd weer een mooie gelegenheid om te zoeken naar je favoriete biertje van het jaar. Eigenlijk ben ik niet zo'n bokbierdrinker (want ik houd niet zo van zoet), dus vaak bevallen de buitenbeentjes mij het best. Zo ook ditjaar, met een paar uitzonderingen:

  • als 'normaal' bokbier beviel vooral Jopen mij erg goed. Vol van smaak en zoet, maar met voldoende interessante bitterheid en rogge / graansmaak.
  • de Molen Winterbock was ook erg lekker - niet te zoet, eigenlijk volgens mij een wat zwaardere, hoppige amber (8%)
  • de Emelisse Herfstbock viel ook wat buiten de stijl en deed me meer aan een porter denken, met een vleugje romigheid
  • de Ezelenbock was voor mij één van de mooiste bieren, geurig naar (gedroogd) fruit en koffie, met een mooie bitter
  • de Emelisse Imperial Bock was geweldenaar, vol, zoet, zwaar (11%) en zeer gehopt. Moet je van houden, maar dat doe ik zeker

Ons één-na-laatste rondje beviel ons niet al te best; Andechs, Bock Ros (het 'huismerk' van de Beiaard) en De Prael Nelis kwamen voorbij. Alle te zoet en te dun. Vooral van de Prael verbaasde me dit, want de dag ervoor kookte ik ermee en vond ik hem prima smaken - voor het koken zelfs wat stevig gehopt. Wellicht hebben de eerder geproefde bieren de smaakervaring dus aardig op zijn kop gezet. De laatst geproefde (Emelisse Imperial) had daar met al zijn geweld niet zo'n last van.

Alles bij elkaar hebben we een erg gezellige en smakelijke proeverij achter de rug.

maandag 12 september 2011

Geproefd: Zischke Kellerbier



Troebel, goudgeel met fijne, stevige witte schuimlaag.

Geur moutig en fris, beetje RVS.

Smaak fris en zacht. Doet denken aan weissbier maar zonder bananensmaak en wat bitterder. Niet slecht! Verdient beter weer.




0-5 Smaak Nasmaak
Bitter 2 3
Zoet 2 2
Zuur 1 1